Rendementsdenken

TOF vindt dat de faculteit geen diplomafabriek moet zijn waar studenten zo snel mogelijk doorheen worden gesluisd. De fixatie op productie en het rendementsdenken hebben geleid tot een universiteit waar studenten een nummer zijn en zo snel mogelijk door hun studie
worden geloodst. Verschoolsing speelt een steeds grotere rol. Er is een terugloop in het aantal grote vakken dat wordt aangeboden en er is een te grote prestatiedruk voor studenten. TOF is van mening dat onderwijs geen kwestie is van het snel afronden van een bachelor, maar een kwestie van het ontwikkelen van jezelf.

Nominaal afstuderen is een perverse prikkel voor studenten om hun studie snel af te maken in plaats van zichzelf te ontplooien. TOF ziet liever dat studenten worden aangemoedigd extracurriculaire activiteiten te volgen, ook als dit leidt tot studievertraging. TOF vindt dan ook dat de regel dat de faculteit enkel geld krijgt voor studenten die in nominaal+1
afstuderen, moet worden afgeschaft. Ook moet de financiële allocatie niet worden bepaald op basis van studentenaantallen.

Bezuinigingen

De Faculteit der Geesteswetenschappen heeft jarenlang moeten bezuinigen en zal waarschijnlijk ook in de toekomst moeite hebben het hoofd boven water te houden. TOF gelooft dat instellingen voor hoger onderwijs van Nederland de handen ineen moeten slaan en in Den Haag moeten strijden voor meer geld voor hoger onderwijs, vooral voor de Geesteswetenschappen. Het wordt hoog tijd dat men in gaat zien dat hier, niet alleen aan de FGw, maar aan alle instellingen voor hoger onderwijs in Nederland, de toekomst van Nederland wordt opgeleid. Om deze reden steunt TOF de protesten tegen bezuinigingen op
hoger onderwijs. De partij zal zowel in de raad als op straat strijden voor beter onderwijs.

Als er dan toch bezuinigd moet worden, staat ook in tijden van bezuinigingen onderwijskwaliteit op de eerste plaats. Voordat in het onderwijsbudget gesneden wordt, moeten alle andere opties overwogen worden. De diversiteit aan disciplines is wat deze faculteit uniek maakt en moet te allen tijde beschermd worden. TOF zal daarom vechten
voor het behoud van kleine studies en het behoud van keuzevakken en minors. Hoewel kleinere opleidingen vaak duurder zijn, moet de waarde van onderwijs worden afgemeten aan wetenschappelijke in plaats van aan financiële waarde.

Als er bezuinigd moet worden, moet het proces transparant zijn voor zowel studenten als medewerkers. Als reactie op de bezuinigingen moet er niet worden gegrepen naar interdisciplinair onderwijs om meer studenten te trekken. In plaats daarvan moet ervoor gezorgd worden dat zo veel mogelijk disciplines worden behouden: het is moeilijk een expertise weer terug te krijgen wanneer het van de faculteit is verdwenen. TOF steunt de
Ondernemingsraad in haar strijd tegen de werkdruk voor docenten: ook als er bezuinigd wordt, moet de mentale gezondheid van docenten en andere medewerkers gewaarborgd worden.

Verengelsing

Onderwijskwaliteit staat bij TOF bovenaan: een opleiding moet de voertaal alleen veranderen naar Engels als dat de kwaliteit van het onderwijs verbetert. Overstappen naar Engels om meer studenten te trekken mag nooit de enige reden tot de wijziging van de voertaal zijn. Als een opleiding besluit dat een taalwijziging nodig is, dient het een duidelijk plan voor te leggen aan de FSR waaruit blijkt dat de nadelen van de verandering van
voertaal in kaart zijn gebracht en ondervangen worden. De steun van docenten en studenten van het programma voor de taalwijziging is van het grootste belang, bovendien moeten zij na de wijziging toegang krijgen tot gratis lessen academisch Engels. Gegeven dat de faculteit de wens heeft uitgesproken een tweetalige faculteit te zijn, vindt TOF dat dergelijke
lessen academisch Engels én academisch Nederlands voor alle studenten en medewerkers van de faculteit gratis moeten worden aangeboden. Zolang we geen echte tweetalige faculteit zijn, moet alle correspondentie van de Faculteit in twee talen plaatsvinden.

Bindend Studieadvies

Een advies dat bindend is, is volgens TOF een ware contradictio in terminis. Het BSA moet afgeschaft worden. In plaats daarvan ziet TOF graag een niet-bindend studieadvies. Hoewel het eerste jaar een indicatie kan zijn voor het verloop van de studie, moet de student degene zijn die uiteindelijk bepaalt of de studie wordt afgemaakt. Studenten die moeite hebben met het eerste jaar, moet de stress van een negatief BSA bespaard blijven. In plaats daarvan dienen zij goede studiebegeleiding te krijgen. De afschaffing respectievelijk versoepeling van het BSA naar aanleiding van de coronapandemie is een stap in de goede richting.

Verschoolsing

Om studenten zo snel mogelijk door hun studie te leiden, zien wij al jaren een hoge mate van verschoolsing van het onderwijs van de universiteit. TOF is tegen de aanwezigheidsplicht bij werkgroepen, aanwezigheid is immers de verantwoordelijkheid van de student zelf. Studenten zouden niet verplicht moeten worden wekelijkse opdrachten te maken waarbij het doel enkel is dat de docent controleert of ze alle teksten hebben gelezen.
Er is een toename te zien in de hoeveelheid toetsmomenten voor studenten. Omdat de faculteit momenteel oplegt hoeveel toetsmomenten een vak minimaal moet hebben, is er sprake van een groei in het aantal AVV/NAV-opdrachten. TOF vindt dat de faculteit docenten geen minimum of maximum aantal toetsmomenten moet opleggen: de docent weet zelf wat
het beste is voor het vak. Daarnaast zouden opleidingen en opleidingscommissies moeten worden aangespoord kritisch te kijken naar het aantal toetsen binnen een bepaald vak.

Wetenschappelijke intergriteit

TOF is van mening dat het huidige fraude- en plagiaatreglement niet voldoet aan de eisen. Zo wordt er geen onderscheid gemaakt tussen tentamenopdrachten en wekelijkse (onbecijferde) opdrachten. Ook is er momenteel te veel aandacht voor plagiaat, en te weinig voor intellectuele fraude (het overnemen van andermans gedachtengoed). TOF vindt dat het
reglement slechts een stok achter de deur zou moeten zijn, en dat de werkelijke bewustwording onder studenten over dit onderwerp alleen plaats kan vinden binnen het onderwijs. Er moet binnen de curricula meer aandacht worden besteed aan wetenschappelijke integriteit en juist verwijzen; alleen zo kweken we verantwoordelijke geesteswetenschappers. Daarom moet er een facultaire visie op dit onderwerp komen, en
moeten OC’s handvatten krijgen om het onderwerp WI een betere plek te geven binnen het curriculum.

Tevens is TOF van mening dat alle leden van het wetenschappelijk personeel hun nevenfuncties zichtbaar moeten maken op de website. Alleen zo kan proactief worden aangetoond dat er geen sprake is van dubieuze belangen of vreemde belangenverstrengeling. Daarnaast moet integriteit constant onderwerp zijn van gesprek en self-assessment, net als sociale veiligheid.

Tenslotte wil TOF dat de positie van masterstudenten en promovendi met betrekking tot WI wordt versterkt; het moet voor hen makkelijker zijn om de College Wetenschappelijke Integriteit (CWI) anoniem te tippen zonder dat zij het risico lopen hierop te worden
afgerekend door hun promotor.

Het einde van 8-8-4

De uniforme 8-8-4-jaarindeling laat niet genoeg ruimte over voor de wensen van studenten en docenten van een specifieke opleiding. Er zijn binnen het systeem veel klachten over de blokken van vier weken, die vaak te kort zijn om kwalitatief goed onderwijs in te kunnen geven. TOF vindt dat er altijd van 884 moet kunnen worden afgeweken als dit de onderwijskwaliteit ten goede komt. Wanneer een versoepeling van 884 niet toereikend blijkt,
moet er gekeken worden naar een andere jaarindeling. Als dat mogelijk is, ziet TOF graag dat er binnen 884 of het nieuwe systeem ademruimte of ruimte voor reflectie wordt ingebouwd.

Momenteel is er op de faculteit een pilot bezig met een nieuwe jaarindeling: 774, waarbij elk blok van 8 weken in het begin een ‘collegevrije’ week heeft. De implementatie van de 774-pilot was erg chaotisch en de communicatie van de fDB gebrekkig. Bovendien zorgt de 774 indeling, hoewel het enigszins tijd voor reflectie en rust biedt, ofwel voor meer werkdruk
voor docenten en studenten in de latere weken van het vak (indien het materiaal uit week 1 wordt verplaatst) ofwel voor een afname van de hoeveelheid materiaal en de studielast van het vak ( indien de stof uit week 1 simpelweg verdwijnt). Om deze redenen is TOF geen voorstander van het implementeren van 774, maar stelt in plaats daarvan voor om naar een
geheel andere jaarindeling te kijken, idealiter zonder de blokken van 4 weken

Flexstuderen

Het idee van flexstuderen krijgt veel steun van bestuurders en neoliberale studentenpartijen. TOF wijst het experiment af, en is tegen een verbreding naar andere faculteiten en opleidingen. Het verder invoeren van flexstuderen leidt tot flexibilisering en commercialisering van ons onderwijs. Bij het betalen per studiepunt gaat coherentie in het
onderwijsprogramma verloren en daalt de algehele kwaliteit. Onze faculteit is géén FEBO. Wel is TOF van mening dat er goed onderzoek moet worden gedaan om tegemoet te komen aan de behoeften van studenten die niet fulltime kunnen studeren, zoals verbreding en verbetering van het deeltijdonderwijs, het invoeren van collegegeldvrij besturen, en ruimere
toelagen uit het profileringsfonds voor bijzondere situaties.

De coronacrisis mag niet worden misbruikt om de neoliberale agenda van het flexstuderen
en verder flexibiliseren van het onderwijs door te drukken. Juist nu is het nodig om ons te herbezinnen op de aard en structuren van ons onderwijs, maar dan moet die herbezinning wel plaatsvinden. TOF is tegen de ondoordachte, overhaaste invoering van studiemodellen die een onvoorziene en onomkeerbare impact hebben op ons onderwijs.

Duurzaamheid

TOF is van mening dat duurzaamheid zowel op facultair als op centraal niveau een hogere prioriteit zou moeten krijgen. Afgelopen jaar heeft de Faculteit der Geesteswetenschappen er na een advies van de FSR voor gekozen dat de standaard lunches en borrels aan de FGw voortaan vegetarisch zijn. TOF is blij dat de faculteit deze keuze heeft genomen en
hoopt dat de UvA en FGw verder zullen verduurzamen. Vooral in de ontwikkeling van de nieuwe campus in de binnenstad moet duurzaamheid een grote rol spelen. Toekomstige vastgoedplannen dienen energieneutraal en vrij van gas te zijn.

De partij strijdt op het gebied van duurzaamheid onder andere voor de volgende zaken: 

  • Minder vlees en meer vegetarische en veganistische opties in de kantine. Ook moet de cateraar worden aangespoord onderzoek te doen naar oplossingen voor meer duurzaamheid en minder verspilling in de UvA-kantines. 
  • Lactosevrije alternatieven voor melk in alle koffiemachines
  • Afvalscheiding op alle UvA-locaties, zeker bij het nieuwe Universiteitskwartier. 
  • Betere promotie van de korting die je bij de kantine krijgt als je zelf een beker meeneemt. 
  • Het aansporen van medewerkers en studenten om minder te printen. 
  • Een overstap van de UvA naar een groenere bank. 
  • Dat de UvA alleen (mee)betaalt aan vliegtickets van studenten of medewerkers (die bijvoorbeeld naar een conferentie gaan) als een andere manier van reizen niet uitvoerbaar is.
  • Klimaatneutrale UvA-locaties waar mogelijk.
  • Studieverenigingen financieel steunen als ze bewuste keuzes maken. TOF is daarnaast van mening dat studieverenigingen financieel meer zouden moeten worden aangespoord duurzame beslissingen te maken.
  • Het faciliteren van de mogelijkheid en aanmoedigen van opleidingen om duurzaamheid op te nemen in de curricula.
  • Het aansporen van studenten om hun gedrag te verduurzamen. 

TOF ziet bovenstaande lijst noch als uitsluitend, noch als uitputtend als het gaat om duurzaamheidsinitiatieven. Het is belangrijk dat zowel de FGw als de gehele UvA blijven nadenken over manieren om te verduurzamen. Aan de FGw zou iemand aangenomen moeten worden die nadenkt over de verduurzaming van de faculteit. 

Studentenhuisvesting

Het is bekend dat er in Amsterdam een groot tekort is aan studentenwoningen. Hoewel het voor internationale studenten nóg moeilijker is een kamer te vinden, blijft de UvA actief
werven in het buitenland. De campagne is niet realistisch: als internationale studenten naar Amsterdam komen, is het doorgaans niet zo makkelijk als beloofd. TOF is van mening dat de universiteit moet stoppen met het werven van internationale studenten zolang het huisvestingstekort niet is opgelost. Internationale studenten die op eigen initiatief naar
Amsterdam komen, dienen goed op de hoogte te worden gesteld van de moeilijkheden die zij kunnen ervaren in het vinden van een woning.

De informatievoorziening over de moeilijke woningmarkt in Amsterdam moet volgens TOF beter worden gecommuniceerd aan alle studenten, Nederlands of internationaal, die in Amsterdam komen studeren. De UvA moet zichzelf en de stad realistisch promoten. Ze moet studenten bijvoorbeeld waarschuwen over de veiligheid op sommige campussen en de manier waarop studenten kunnen worden opgelicht door websites waarop kamers te vinden zijn. Om de woningnood onder studenten op te lossen, vindt TOF bovendien dat de UvA actief de samenwerking moet aangaan met de gemeente Amsterdam.

Catering

Studenten moeten gedurende de hele dag toegang hebben tot betaalbaar, voedzaam en goed eten, ook in de avonduren. Om dit te waarborgen, wil TOF dat de mensa terugkeert naar de binnenstad. Als het contract van de huidige cateraar afloopt, wil TOF dat alle opties open liggen. In het nieuwe contract moeten lagere prijzen worden gewaarborgd, of de prijzen moeten verlaagd worden door de UvA zelf de catering en kantines te laten
verzorgen. In de kantines moet er genoeg veganistisch en vegetarisch eten beschikbaar zijn. Ook moet er bij het aanbieden van de opties überhaupt meer rekening worden gehouden met de wensen van de studentenpopulatie, zoals allergieën en religieuze dieetwensen.